1810-1814 Sinds de landing van Engelsen en Russen in de kop van Holland (1799) werken opeenvolgend de ingenieurs van de Bataafse Republiek, Koninkrijk Holland en het Franse keizerrijk aan de versterking van Den Helder. Het blijft echter beperkt tot kleine uitbreidingen en verbeteringen aan de batterijen. Als de commandant van de zeemacht ter rede van [...]
Artikelen met trefwoord: 1800-1899
1773-1868 De vesting Woerden maakte deel uit van de oude Hollandse Waterlinie. Menno van Coehoorn heeft er eind 18e eeuw nog verbeteringen aangebracht. Net als bij vele onderdelen van deze linie, werden de vestingwerken van Woerden vanaf 1816 geslecht.
De strategische ligging van de stad tussen Utrecht en Holland was er de oorzaak van dat de [...]
1811-1819 Tijdens de Franse bezetting hebben de autoriteiten veel aandacht voor de vesting Deventer. In 1811 schrijft de maire van de stad een rapport over de noodzakelijke verbeteringen. Een jaar later klaagt de onderprefect van Deventer over de vele werken die nog niet zijn uitgevoerd. Mede op basis van deze correspondentie en de ontwikkelingen in [...]
1807-1834 Fort Ellewoutsdijk bij het Zeeuwse Borsele (of Borselen) wordt gebouwd tussen 1835 en 1839 en dient ter verdediging van de Westerschelde. Bij het dorp ligt vóór die tijd, in ieder geval in 1807, al een grote batterij.
Van het fort zelf resteren uiteraard de tekeningen en memories, maar hier is juist van de directe voorgeschiedenis [...]
1800-1862 In 1800 ontwerpt luitenant-kolonel-ingenieur Gilet de zogenaamde Linie van Beverwijk. De linie is een initiatief van luitenant-kolonel directeur C.R.T. Kraijenhoff, die in deze tijd verantwoordelijk is voor de Hollandse fortificatiën. Na de mislukte landing van Engelsen en Russen in 1799, besluit het Fransgezinde Bataafse gezag de snel opgeworpen verdedigingswerken uit te breiden en een [...]
1601-1831 Rijshout, het lange dunne hakhout van bijvoorbeeld wilgen en elsen, was een belangrijke grondstof in de vroege vestingbouw. Het werd geteeld in grienden: laaggelegen, vaak drassig land of buitendijkse percelen waar in ieder geval geen landbouw mogelijk was. De twijgen vormden de ideale basis voor schanskorven en het vlechtwerk was sterk genoeg om wanden [...]
